Belgium

Details

  • Service: Tax & Legal
  • Type: Business and industry issue
  • Date: 12/03/2013

BTW 

21% standaard tarief (uitgangspunt)

 

  • 6% onder andere voor voedingsmiddelen(met uitzondering van alcoholhoudende dranken), boeken, dagbladen en tijdschriften, levende dieren (afhankelijk van het doel waarvoor de dieren gebruikt worden), geneesmiddelen, toegang tot attractieparken, gelegenheid geven tot sportbeoefening; Vanaf 1 juli 2012 zijn tevens de podiumkunsten weer belast met 6% (vanaf 1 juli 2011 tot en met 30 juni 2012 gold het standaardtarief van 19%)
  • 6% voor het schilderen en stukadoren van woningen ouder dan 2 jaar;
  • 6% voor reparaties van fietsen, schoeisel, lederwaren, kleding en huishoudlinnen;
  • 0% onder andere voor goederen en diensten die met in- en uitvoer te maken hebben (het nultarief is een vrijstelling met het behoud van recht op aftrek)

Het aangifteformulier is beperkt. Ondernemers mogen in beginsel kiezen of zij per maand of per kwartaal aangifte omzetbelasting willen doen.  Kwartaal aangifte is interessant voor ondernemers die zich in een afdrachtpositie bevinden omdat zij de btw dan later mogen afdragen. Voor ondernemers in een teruggaafpositie is het doen van aangifte per maand voordeliger.
 
Als per jaar € 1.883 of minder aan btw hoeft te worden betaald, kan de Belastingdienst het aangiftetijdvak op verzoek op een jaar stellen.
 
De aangifte moet elektronisch (via internet of daarvoor beschikbare software) worden ingediend. Buitenlandse ondernemers zonder vaste inrichting of algemeen fiscaal vertegenwoordiger moeten vanaf 1 januari 2014 ook elektronisch aangifte doen middels een daartoe bestemd portal.
 
Binnenlandse ondernemers en buitenlandse ondernemers die in Nederland een vaste inrichting of een algemeen fiscaal vertegenwoordiger hebben, dienen de aangifte in te dienen binnen één maand na afloop van het belastingtijdvak waarop de aangifte betrekking heeft. Buitenlandse ondernemers die in Nederland geregistreerd zijn dienen binnen twee maanden de aangifte in te dienen. Jaaraangevers dienen uiterlijk op 31 maart van het jaar volgend op het jaar waarop de aangifte betrekking heeft, de aangifte in te dienen. Overigens geldt voor het doen van jaaraangifte bovendien de voorwaarde dat het bedrag aan intercommunautaire leveringen, - diensten, en - verwervingen niet hoger mag zijn dan € 10.000 per jaar.
 
De verschuldigde belasting dient door de Belastingdienst te zijn ontvangen uiterlijk op de dag waarop de aangifte door de Belastingdienst dient te zijn ontvangen. Indien deze uiterlijke betaaltermijn in het weekend of op een erkende feestdag valt, dient de betaling dermate tijdig te worden gedaan, dat de betaling vóór het einde van de maand door de Belastingdienst is ontvangen.
 
In welke mate is de btw aftrekbaar?

De btw is in principe volledig aftrekbaar indien goederen en diensten door de ondernemer worden gebruikt voor belaste handelingen. Beperking op de aftrek van btw bestaat onder andere in de volgende gevallen:
 

  • De goederen worden gebruikt als gift of relatiegeschenk aan niet-aftrekgerechtigden, of voor het verstrekken van loon in natura; de aftrek is uitgesloten als de kostprijs van de giften, relatiegeschenken of personeelsvoorzieningen meer dan € 227 exclusief btw per jaar per begunstigde bedraagt. 
  • Voor de aftrek van btw over de aanschaf van een investeringsgoed dat gemengd zakelijk en privé gebruikt wordt, gelden specifieke regels. Voor onroerende zaken geldt kort gezegd dat de btw aftrekbaar is voor zover er sprake is van belast gebruik. Op basis van zogenaamde herzieningsregels wordt deze btw vervolgens maximaal 10 jaar gevolgd. Indien het gebruik wijzigt, kan dit een gevolg hebben voor de oorspronkelijk afgetrokken btw. Voor roerende zaken die gemengd zakelijk en privé gebruikt worden, geldt dat de ondernemer deze als zakelijk kan etiketteren. De btw op de aanschaf is dan volledig aftrekbaar en wordt gedurende maximaal vijf jaar gevolgd.


De ondernemer moet voor eventueel privé-gebruik jaarlijks een correctie aangeven (fictieve heffing).

  • De btw over aanschaf, onderhoud en brandstof van auto’s die aan het personeel ter beschikking gesteld zijn, kan in eerste instantie volledig in aftrek worden gebracht. Wel moet er in de laatste btw-aangifte van het (boek)jaar een correctie voor privégebruik worden aangegeven.

 

Vanaf 1 juli 2011 zijn de regels voor de correctie voor het privégebruik van auto’s van de zaak gewijzigd. De jaarlijkse correctie bedraagt sinds die datum in beginsel 2,7% van de catalogusprijs.

 

  • Goedgekeurd is dat voor auto’s aangeschaft zonder dat de ondernemer de btw in aftrek heeft kunnen brengen en die zowel zakelijk als privé worden gebruikt, de correctie voor privégebruik wordt vastgesteld op basis van een verlaagd forfait van 1,5% van de catalogusprijs.
  • Ook is goedgekeurd dat het verlaagde forfait mag worden toegepast voor auto’s die (inclusief het jaar van ingebruikneming) meer dan vijf jaar in de onderneming worden gebruikt. Het verlaagde forfait voor deze auto’s mag met terugwerkende kracht worden toegepast tot 1 juli 2011. Of deze goedkeuring ook ziet op lease- en huurauto’s, of alleen op eigen auto’s, is niet duidelijk.

 


Tevens wordt vanaf 1 juli 2011 woon-werkverkeer weer als privégebruik aangemerkt. De frequentie van het reizen is daarbij echter niet relevant.

 

  • De Nederlandse btw over aanschaf, onderhoud en brandstof van auto’s die door een buitenlandse onderneming aan het personeel ter beschikking worden gesteld, kan worden teruggevraagd. Voor het privé-gebruik wordt op basis van beleid dan een correctie toegepast ter hoogte van 16% van de voorbelasting, 84% van de voorbelasting wordt dus teruggegeven.

 

Deze correctie van 16% gold onder het oude regime voor de autocorrectie. Wij zien argumenten om deze correctie onder de nieuwe regels vanaf 1 juli 2011 achterwege te laten. Ondernemers in andere EU landen die niet in Nederland geregistreerd zijn, moeten de Nederlandse btw terugvragen via de lokale belastingdienst. Ondernemers in niet-EU landen moeten een schriftelijk teruggaafverzoek indienen bij de Belastingdienst in Heerlen.

 

  • Btw op eten en drinken zoals restaurantkosten is niet aftrekbaar.
  • Ondernemers die btw-vrijgestelde prestaties verrichten hebben geen recht op aftrek van voorbelasting (bijvoorbeeld banken, verzekeraars, artsen, onderwijsinstellingen, etc.)

 

Opgaaf ICP
 

  • Opgaaf ICP: in te dienen door elke ondernemer die intracommunautaire leveringen en diensten verricht. De Opgaaf ICP dient elk kwartaal te worden ingediend. Indien een ondernemer voor meer dan 100.000 euro per kwartaal aan intracommunautaire (goederen)leveringen verricht, dan moet voor de goederen een Opgaaf per maand worden gedaan. Er kan dan voor de diensten gekozen worden tussen een Opgaaf per maand of een Opgaaf per kwartaal.

 

  • Binnenlandse ondernemers en buitenlandse ondernemers met een vaste inrichting of een algemeen fiscaal vertegenwoordiger, dienen de Opgaaf ICP uiterlijk op de laatste dag van de maand na afloop van de periode waarop de Opgaaf ICP betrekking heeft in te dienen. Voor buitenlandse ondernemers die in Nederland geregistreerd zijn dient de Belastingdienst de Opgaaf ICP uiterlijk op de laatste dag van de tweede maand na afloop van de periode waarop de Opgaaf ICP betrekking heeft, te ontvangen.

 

  • Indien in Nederland gevestigde ondernemers aan de 'verwevenheidseisen' (financiële, economische en organisatorische verwevenheid) voldoen, is sprake van een fiscale eenheid. Dat betekent dat indien geen beschikking is afgegeven er toch sprake kan zijn van een fiscale eenheid, mits maar aan de verwevenheidseisen wordt voldaan. Het voordeel van een fiscale eenheid voor de btw is dat de onderdelen van de fiscale eenheid onderling geen btw aan elkaar mogen berekenen. Een mogelijk nadeel van een fiscale eenheid is dat de onderdelen van de fiscale eenheid hoofdelijk aansprakelijk zijn tegenover de Belastingdienst voor de btw schulden van de fiscale eenheid.

 

Daarnaast hoeft de fiscale eenheid maar één btw-aangifte in te dienen. De btw-aangifte vindt dan plaats alsof er feitelijk sprake is van één btw-ondernemer. Het is mogelijk om voor ieder onderdeel apart aangifte te blijven doen. Een fiscale eenheid is alleen mogelijk voor ondernemers die in Nederland zijn gevestigd. Met een in Nederland gevestigde btw ondernemer wordt ook een vaste inrichting in Nederland bedoeld.

 

  • Indien een aangifte onjuistheden of onvolkomenheden bevat, is een ondernemer verplicht een suppletieaangifte in te dienen om de juiste informatie te verstrekken aan de Belastingdienst. Vanaf 1 januari 2012 dient dit te gebeuren via een verplicht suppletieformulier. De suppletieaangifte dient de informatie te bevatten zoals die had moeten zijn en dus niet, zoals daarvoor het geval was, slechts de transacties die abusievelijk niet gerapporteerd zijn.

 

Indien het bedrag van de correctie kleiner is dan € 1.000 aan btw mag de correctie meegenomen worden in de eerstvolgende reguliere aangifte na het moment van ontdekking van de onvolkomenheid. Dit geldt voor zowel belastingplichtigen die in Nederland als niet in Nederland zijn gevestigd. Op het niet melden van een ontdekte fout staat een boete van maximaal 100% van het te weinig betaalde of teveel terugontvangen bedrag.

 


 

 

Share this