Nederland

Details

  • Industry: Financial Services, Insurance & Pensions
  • Type: Persbericht
  • Datum: 9-1-2014

Nederlandse pensioenfondsen worstelen met omvang bestuursverslag 

Bestuurders van Nederlandse pensioenfondsen worstelen in toenemende mate met de omvang van hun jaarverslagen. Als gevolg van strengere wet- en regelgeving en de roep om meer transparantie worden de fondsen gedwongen steeds meer informatie op te nemen in de jaarverslaggeving, zoals het bestuursverslag en de jaarrekening. "Jaarstukken van pensioenfondsen dijen steeds verder uit en dat komt de leesbaarheid en toegankelijkheid in het algemeen niet ten goede", zegt Wim Teeuwissen, partner bij KPMG.

Teeuwissen: "Zowel bestuurders als gebruikers hebben behoefte aan een betere toegankelijkheid van de verslaggeving, waardoor zij in staat zijn zich een verantwoord oordeel te vormen over het vermogen en het saldo van de baten en lasten van het fonds. Het terugbrengen van de omvang van de jaarverslaggeving is in het algemeen echter geen sinecure. Er moet immers een subtiel evenwicht gevonden worden tussen de wettelijke verslaggevingeisen en informatiebehoefte van gebruikers van de jaarverslaggeving enerzijds en de maatschappelijke roep om compactere jaarstukken anderzijds."
 
Bestuursverslag kan veel compacter
Uit onderzoek dat KPMG jaarlijks verricht onder honderd Nederlandse pensioenfondsen blijkt dat ruim 40% van de bestuurders vindt dat gegeven de complexiteit van het fonds de omvang van jaarverslag en jaarrekening te groot is. Ruim 60% van de bestuurders geeft aan dat de vigerende wet- en regelgeving het belangrijkste obstakel vormt om de omvang van de verslaggeving te verminderen. Teeuwissen beaamt dat wetgeving er in het algemeen toe leidt dat de verslaggeving uitdijt.

 

Teeuwissen: "Zo dienen pensioenfondsen in hun bestuursverslag in te gaan op algemene en financiële ontwikkelingen, op relevante risico’s en het gevoerde beleid, op hun verwachtingen en op de naleving van de Pension Fund Governance bepalingen. Toch bieden de eisen voor het bestuursverslag ruimte voor eigen invulling. Deze eisen schrijven weliswaar voor dat bepaalde elementen benoemd moeten worden, maar gaan niet in op de wijze waarop de informatie gepresenteerd moet worden. Daarom valt met het bestuursverslag de meeste winst te behalen als het gaat om een compactere presentatie."
 
Materialiteitsbeginsel toepassen
Voordeel valt volgens Teeuwissen vooral te halen door te focussen op de ontwikkelingen die voor het fonds in kwestie echt van belang zijn. Teeuwissen: "Zo helpt het om de echte kernpunten van het bestuursbeleid en de gevolgen hiervan te verwoorden in een management summary. Deze samenvatting stelt de gebruiker van de jaarverslaggeving in staat om, samen met het cijfermatige meerjarenoverzicht, in korte tijd een goed beeld van de positie van het fonds te vormen. Verdere verdieping van de onderwerpen in de samenvatting wordt dan opgenomen in het bestuursverslag.

 

Ten aanzien van onderwerpen die niet in de samenvatting worden opgenomen en dus geen echte kernpunten zijn, rijst de vraag of deze zaken wel thuishoren in het verslag. Het gebruik van meer woorden is bovendien niet altijd beter. De regelgeving staat het toe om het zogenaamde materialiteitsbeginsel toe te passen. Dat betekent dat zaken die van te verwaarlozen betekenis zijn voor het pensioenfonds en voor de gebruiker van de jaarverslaggeving niet of in mindere mate benoemd en toegelicht behoeven te worden in het bestuursverslag. Zo kan een defined contribution regeling met een verwaarloosbare omvang in een paar woorden worden afgedaan."

 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Andy Bellm, (020) 656 7039.

 

Dit persbericht is gebaseerd op een bijdrage uit de publicatie ‘De Pensioenwereld in 2014’. De publicatie kunt u downloaden en/of bestellen via deze pagina.

 

Share this

Share this

Volg KPMG Nederland op Twitter