Vervolgens is gevraagd om aanbevelingen te formuleren over hoe beleid de effectiviteit van huidige poortwachters kan versterken. Daarbij onderscheidt het ministerie de volgende hoofd- en deelvragen:
Wat is de invloed van de poortwachters op kostenontwikkelingen in de zorg?
Hoe kan men effectief invulling geven aan de rol van poortwachters binnen het paradigma van gereguleerde concurrentie, risicodragende uitvoering en de AWBZ?
- Hoe zijn de poortwachterfuncties nu ingevuld in AWBZ, Zvw en GGZ?
- Wat is de (formele) rol van poortwachters in kostenbeheersing?
- Hoe aantoonbaar effectief zijn de huidige poortwachters (huisartsen, SEH, CIZ, gemeente) in de zorg?
- Hoe hebben de poortwachterfuncties zich de afgelopen tien jaar ontwikkeld? Worden deze „sterker? – d.w.z. draagt deze steeds meer bij aan kostenbeheersing – of juist niet? Hoe hebben de relatieve kosten van de poortwachterrol zich ontwikkeld?
- Wat zijn de determinanten die de budgettaire opbrengsten van de poortwachterfuncties optimaliseren?
- Wat zijn daarvoor de meest kansrijke en effectieve beleidsstrategieën?