Uit het onderzoek bleek ook dat groei de belangrijkste ‘dealdriver’ was: bijna de helft van de respondenten (48 procent) noemde een groter marktaandeel als een van hun voornaamste drijfveren. 35 procent daarvan haalde geografische groei aan, terwijl uitbreiding naar nieuwe groeisectoren werd aangestipt door 27 procent van die respondenten.
“Na de financiële crisis en de daaropvolgende wereldwijde recessie verwachtten de meeste analisten dat de M&A-activiteit meer waarde zou vernietigen dan creëren”, stelt John Kelly, hoofd van de KPMG-praktijk Transaction Services voor Europa, het Midden-Oosten en Afrika (EMEA). “De resultaten bleken echter vrij goed. Sommige kopers vonden in de recessie een opportuniteit om hun marktaandeel te vergroten en hun groei uit te breiden naar nieuwe markten.”
Het onderzoek, getiteld ‘A New Dawn: Good Deals in Challenging Times’, toont aan dat het aandeel van waardeverhogende deals steeg van 27 procent in 2005-2006 tot 31 procent in de meest recente onderzoeksperiode.
De meeste deals in dit onderzoek waren binnenlandse transacties, al noteerden we ook een grotere focus – vooral in Europa – op grensoverschrijdende transacties en investeringen in opkomende markten.
Daarmee is niet gezegd dat deals in de opkomende markten garant staan voor meer waarde. In de regio Azië/Stille Oceaan, bijvoorbeeld, blijkt dat deals net zo goed waarde creëerden als vernietigden. En terwijl het aandeel van omzetverhogende deals in die regio nog verdrievoudigde tussen de vorige twee onderzoeksperiodes (van 12 procent in 2003-2005 naar 36 procent in 2005-2007) stellen we vast dat die groei nu een dramatische terugval heeft gekend naar slechts vier procent.
“We hebben vastgesteld dat de prijsstelling in groeimarkten een enorme uitdaging vormt”, voegt John Kelley toe. “Bedrijven focussen op het groeipotentieel en hebben te weinig aandacht voor andere belangrijke aspecten. Zijn de bijkomende opbrengsten uiteindelijk de prijs wel waard? Zullen de culturen compatibel zijn?”
De impact van cultuurverschillen op het succes van een grensoverschrijdende deal mag dan al vaak gedocumenteerd zijn en tegenwoordig door veel bedrijfsleiders worden onderkend, toch wordt het nog te vaak over het hoofd gezien. Dit onderzoek toont aan dat HR-gerelateerde due diligence tijdens de onderzoeksperiode nog steeds niet hoog op de agenda stond bij de overnemers: slechts 38 procent van de respondenten zei een dergelijke due diligence te hebben uitgevoerd. De meerderheid concentreerde zich eerder op het vastleggen van de modaliteiten dan op eerder ‘softe’ – maar daarom niet minder belangrijkere – activiteiten zoals cultuur en communicatie.
Een andere opvallende bevinding van het onderzoek is de toegenomen M&A-activiteit bij ondernemingen en de dalende activiteit bij private-equitybedrijven (PE). In de onderzoek-periode waren de PE-bedrijven minder actief, wat leidde tot zachtere prijzen en meer kans op waardeverhogende deals. Interessant is ook dat de ondernemingen erin slaagden de slechte deals te beperken, terwijl meer PE-bedrijven vonden dat hun transacties waarde hadden vernietigd.
“Door het onzekere economische klimaat weten ondernemingen dat ze onder een vergrootglas worden gehouden en meer moeite hebben om stakeholders ervan te overtuigen dat de voorgestelde koop waarde zal realiseren”, zegt Peter Lauwers, Partner bij KPMG Advisory en Head of Corporate Finance in België. “Maar de recessie leidde tot minder concurrentie voor overnames en tot lagere prijzen, waardoor bedrijven selectiever konden zijn in hun keuze van een overnamedoelwit en de prijzen die ze bereid waren te betalen.”
Uit het onderzoek bleek ook dat – ondanks het belang dat de meeste overnemers hechtten aan synergie – bijna de helft van de respondenten ‘weinig of geen tijd’ hadden besteed aan het onderzoeken van mogelijke synergie, en nog eens 34 procent slechts een ‘redelijke hoeveelheid tijd’.
“Als een van de wereldleiders in M&A-activiteit qua volume hebben we een vrij groot aantal van die transacties zien plaatsvinden”, voegt John Kelly toe. “De overnemers die uiteindelijk de meeste waarde uit hun deals haalden, waren degene die specifieke synergieën konden bepalen, zowel in termen van kosten als opbrengsten, en dan rapporteren over die indicatoren aan de markt om het investeerdersvertrouwen op te krikken. Het is een trend die we in de toekomst nog wel meer zullen zien.”